Bewustzijn van het hart
- Marc Cornelisse
- 17 aug
- 6 minuten om te lezen
In mijn boek Transcendent kennisdomeinĀ onderzocht ik het denken als ontsluitingsvorm vanuit het universele bewustzijn. Daarmee kan de mens een brug slaan tussen de transcendente en de zintuiglijke wereld. Denken is daarbij niet slechts een instrument van analyse, maar een vorm van ontvankelijkheid die de zintuiglijke wereld op eigen wijze ontsluit. In deze blog verschuif ik de aandacht naar het voelen. Ook voelen heeft een universele dimensie. Niet doordat het uit hetzelfde bewustzijn voortkomt, maar doordat mensen dezelfde basisemoties herkennen. De aanleiding en de drempelwaarde verschillen per individu, maar het veld waarin emoties resoneren is voor een ieder herkenbaar. Waar denken ontspringt aan transcendente ontvankelijkheid, ontspringt voelen aan zintuiglijke ontvankelijkheid. Het hart vormt daarbij het centrum van resonantie. Vanuit die invalshoek wil ik mijn ervaring na een dotterbehandeling verkennen en verbinden met inzichten uit het taoĆÆsme en de hedendaagse neurowetenschappen.
Ā
Zhuangzi, het hart en de ervaring van openheid
In de geschriften van Zhuangzi betekent xin (åæ) meer dan het fysieke hart. Het verwijst naar het innerlijke centrum waar voelen, denken en afstemmen samenkomen. Dit hart is dus niet slechts een orgaan dat bloed rondpompt, maar een zintuig voor samenhang en resonantie. Wanneer dit centrum vrij is van fixatie of kramp kan het de ritmes van de Tao volgen zonder te forceren. Zhuangzi gebruikt vaak het beeld van een spiegel. Het hart van de volmaakte mens grijpt niets, wijst niets af, maar weerkaatst en laat los.Het taoĆÆsme ziet de mens als deel van een groter ritme dat voortdurend beweegt en transformeert. De Tao stroomt niet van buiten naar binnen of omgekeerd, maar doordringt alles wat bestaat. Binnen dit perspectief krijgt het hart een bijzondere betekenis. Een hart dat gespannen, verkrampt of bezet is door oordelen, kan dit ritme niet volgen. Een hart dat leeg is als een spiegel kan daarentegen de Tao weerspiegelen en door laten stromen.
Toen ik zelf na een dotterbehandeling weer volledig tot bewustzijn kwam, ervoer ik iets wat ik niet had voorzien. Het was alsof de emotionele poorten volledig openstonden. Alle indrukken stroomden tegelijk naar binnen, zonder de gebruikelijke filter of cadans. Het hart hield niets vast, maar de intensiteit van de toestroom bracht een golf van emoties op gang. Er was geen regulatie, alleen pure doorlaatbaarheid. In de termen van Zhuangzi leek mijn hart plotseling een spiegel zonder sluier die alles in volle intensiteit weerkaatste.Die ervaring bracht niet alleen een lichamelijke ontregeling, maar ook een existentiƫle verwarring. Tijdens de ingreep had ik mezelf in een diepe trance gebracht, alsof mijn bewustzijn zich tijdelijk losmaakte van mijn lichaam. Het voelde alsof ik door het gewone nu heen was gezakt, in een eeuwig nu waar verleden en toekomst samenvielen en alle vragen over vergankelijkheid en sterfelijkheid zich tegelijk aandienden. Deze toestand toonde mij niet enkel de kwetsbaarheid van mijn lichaam, maar ook de dunne grens tussen regulatie en pure openheid.
Ā
Dubbele ontvankelijkheid
Om te begrijpen wat hier gebeurde, is het onderscheid tussen voelen en denken behulpzaam. Ons ervaren berust op een dubbele ontvankelijkheid. Het denken vindt zijn oorsprong in een transcendente ontvankelijkheid vanuit het universele bewustzijn. Het voelen daarentegen vindt zijn oorsprong in een zintuiglijke ontvankelijkheid, die verankerd ligt in het mens-zijn. Vanuit dit perspectief kunnen we emoties onderscheiden naar hun herkomst. Sommige emoties ontstaan direct in het brein. Angst komt voort uit snelle reacties in de amygdala, vaak nog voordat het hart merkbaar reageert. Boosheid kan oplaaien door een samenspel van cognitieve interpretatie en lichamelijke stressrespons. Verrassing en schrik verlopen via reflexmatige circuits in de hersenstam en het autonome zenuwstelsel, zonder dat hartresonantie een rol speelt. Andere emoties wortelen dieper in het hart. Verdriet toont zich vaak als een langdurige resonantie in de borst, ontroering verschijnt als een plotselinge golf van openheid en verbondenheid, liefde en compassie gaan samen met een warm en expansief gevoel dat in onderzoek naar hartcoherentie herkenbaar wordt als een toestand van fysiologische harmonie. Daar tussenin bevinden zich emoties die het resultaat zijn van een wisselwerking. Vreugde kan direct ontstaan door zintuiglijke prikkels via de hersenen, maar verdiept zich wanneer het hart mee resoneert. Hoop begint vaak als verwachting in het brein, maar krijgt bestaansdiepte wanneer het hart dit meedraagt.
Ā
Het persoonlijke veld
Het is belangrijk het persoonlijke veld duidelijk te onderscheiden. Het persoonlijke veld vormt de ruimte waarin de wisselwerking tussen brein en hart zich aftekent. Het is de laag van ervaring waarin de zintuiglijke ontvankelijkheid voelbaar wordt en waarin het hart resoneert met wat zich aandient. Terwijl het universele bewustzijn de bron is van alle potentie, vormt het persoonlijke veld de bemiddeling waardoor deze potentie een unieke gestalte krijgt in het leven van ƩƩn mens. Het hart staat precies op dit kruispunt. Wanneer de filters openvallen, zoals in mijn ervaring na de dotterbehandeling, wordt zichtbaar hoe kwetsbaar en krachtig het emotionele centrum is in zijn rol als resonantiepunt binnen het persoonlijke veld.

Het schema maakt zichtbaar hoe hersenen en hart verschillende ingangen hebben voor emotionele beleving en tegelijk laat het zien dat beide ingebed zijn in een ruimer veld. De Tao die stroomt en zich telkens anders toont, is vergelijkbaar met het universele bewustzijn dat alle potentie draagt. Het persoonlijke veld vormt geen zelfstandig domein, maar is de getransformeerde vorm van dit universele bewustzijn. Het blijft er intrinsiek onderdeel van en verschijnt in de vorm van individuele resonantie (om die reden vergelijk ik de Tao met het universele bewustzijn). Het hart fungeert in dit geheel als plaats van afstemming waar de beweging van het veld voelbaar wordt in het leven van ƩƩn mens.
Ā
Polyvagaaltheorie en Tao
De polyvagaaltheorie van Stephen Porges helpt om dit te begrijpen. De nervus vagus reguleert de balans tussen stress, veiligheid en verbondenheid. In een toestand van veiligheid ondersteunt de ventrale vagus een cadans waarin sociale verbinding en hartcoherentie mogelijk worden. Bij dreiging neemt de dorsale vagus of de sympatische respons het over, wat leidt tot verstarring of tot vecht-vlucht reacties. Wanneer die regulatie plotseling wegvalt, bijvoorbeeld door een medische ingreep, kan de doorlaatbaarheid van het hart ongefilterd worden. Dit kan verklaren waarom ik na de ingreep zo intens werd overspoeld door verdriet. Het zenuwstelsel bood geen demping, het hart resoneerde rechtstreeks op het persoonlijke veld en het brein slaagde er niet in dit proces te moduleren.Dit roept een echo op van het taoĆÆstische idee van ritme. Waar Zhuangzi cadans en regulatie nog toeschrijft aan de Tao, weten we inmiddels dat deze afstemmingen voortkomen uit impulsen vanuit het autonome zenuwstelsel, zoals beschreven in de polyvagaaltheorie. In mijn filosofische duiding behoren deze impulsen tot de zintuiglijke ontvankelijkheid. Zij vormen de lichamelijke basis waarop gevoelens resoneren en waarop het hart zich kan afstemmen. Zo krijgt het taoĆÆstische beeld van cadans en ritme een fysiologische verdieping, zonder dat de openheid van de Tao daarmee wordt gereduceerd tot louter biologie.
Ā
Eureka van het hart
Het eureka van deze ervaring ligt in de ontdekking dat voelen een eigen toegang tot de werkelijkheid vormt naast het denken. Denken ontspringt aan onze transcendente ontvankelijkheid. Voelen ontspringt aan onze zintuiglijke ontvankelijkheid, die verankerd ligt in het mens-zijn. Mensen herkennen dezelfde basisemoties, maar de manier waarop zij worden opgeroepen en de intensiteit waarmee zij zich voordoen verschilt per individu. Het is geen afgeleide van het universele bewustzijn, maar een directe uitdrukking van ons gedeelde bestaan.
Wat ik uiteindelijk begreep, is dat het hart niet slechts een vitaal orgaan is, maar ook een spiegel van ons gedeelde bestaan. Wanneer de filters wegvallen, zie je niet alleen meer, je wordt transparant voor de kracht van een voelen dat ieder mens deelt. Zhuangzi zou zeggen dat het hart dan niet langer probeert te begrijpen of te controleren, maar eenvoudig weerspiegelt wat er is. Dat is ontregelend en soms beangstigend, maar het maakt ook zichtbaar dat ons bestaan niet opgesloten zit in het brein of in het lichaam. Het wordt gedragen door de dubbele ontvankelijkheid waarmee wij denken en voelen en waarin wij telkens opnieuw ontdekken hoe wij deel uitmaken van een groter ritme.
Ā
Slot
Met Transcendent kennisdomeinĀ onderzocht ik het denken als toegang tot het universele bewustzijn. In dit blog heb ik laten zien dat voelen eveneens een toegang vormt, maar van geheel andere aard. Het is namelijk geworteld in het mens-zijn en niet in het transcendente. Denken en voelen zijn geen tegengestelden maar twee vormen van ontvankelijkheid die elkaar aanvullen. Samen maken zij zichtbaar dat de mens niet alleen een denkend wezen is, maar ook een voelend centrum waarin het leven zelf tot resonantie komt.
Opmerkingen