top of page

De traumatische echo

10 aug
5 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 18 aug

Een gebeurtenis vindt plaats en gaat voorbij. Wat gisteren gebeurde, gebeurt vandaag meestal niet opnieuw. Toch kan een gebeurtenis zich soms zo diep in een mens vastzetten dat zij jaren later opnieuw wordt ervaren alsof zij op datzelfde moment plaatsvindt. Bij een traumatische herbeleving verschijnt het verleden niet alleen als herinnering en beïnvloedt het evenmin alleen de wijze waarop het heden wordt ervaren. De angst, de lichamelijke reacties, de betekenissen en de dreiging kunnen zich opnieuw zo intens aandienen dat het onderscheid tussen toen en nu tijdelijk volledig vervaagt. De mens weet misschien dat de gebeurtenis voorbij is, maar ervaart haar alsof alles werkelijk opnieuw gebeurt.

 

Wie zelf nooit een traumatische herbeleving heeft ervaren, kan zich gemakkelijk voorstellen dat het om een bijzonder indringende herinnering gaat. Daarmee wordt het verschijnsel echter volstrekt onderschat. Een traumatische herbeleving kan zo volledig zijn dat iemand niet alleen terugdenkt aan wat er gebeurde, maar opnieuw ziet, hoort, voelt en ervaart wat destijds deel uitmaakte van de gebeurtenis. Het verleden verschijnt dan niet op afstand als verleden, maar dringt zich zo intens en gedetailleerd aan het actuele NU op dat de oorspronkelijke gebeurtenis opnieuw als actuele werkelijkheid wordt ervaren.

 

Het beeld van een echo kan helpen om dit verschijnsel te begrijpen. Een echo is niet het oorspronkelijke geluid, want dat geluid heeft al geklonken en is voorbij. Toch wordt iets ervan opnieuw hoorbaar doordat het binnen een bepaalde ruimte wordt weerkaatst. De echo ontstaat volledig in het heden, terwijl zij haar oorsprong vindt in iets wat eerder heeft plaatsgevonden. Bij een traumatische herbeleving kan die echo echter zo intens worden dat zij nauwelijks nog als afgeleide van het oorspronkelijke geluid wordt ervaren.

 

Binnen mijn filosofie leeft de mens uitsluitend in het actuele NU. Het verleden behoort niet meer tot de actuele werkelijkheid, terwijl de toekomst daar nog geen deel van uitmaakt. Toch kunnen beide binnen het actuele NU werkzaam worden. De toekomst kan verschijnen in anticipatie en het verleden kan verschijnen in reflectie. In mijn eerdere blog Verbeeldingslast beschreef ik hoe beide als verbeeldingsconfiguraties het huidige NU kunnen belasten, hoewel toekomst en verleden zelf niet aanwezig zijn. Een traumatische herbeleving gaat echter verder. Een eerder gevormde ervaringsordening kan zo intens opnieuw gaan resoneren dat het de dynamische ordening van het actuele NU tijdelijk overrulet.

 

Ook bij een gewone herinnering kan een eerder gevormd interferentiepatroon opnieuw gaan resoneren. Wanneer ik terugdenk aan een vakantie, een ontmoeting of een ruzie, kunnen beelden, woorden, gevoelens en betekenissen opnieuw verschijnen. Toch blijft de huidige ervaring daarbij doorgaans de dragende werkelijkheid. Ik weet dat ik mij iets herinner en blijf tegelijkertijd ervaren waar ik mij nu bevind. Het verleden verschijnt als verleden binnen het actuele NU.

 

Het verschil tussen een herinnering en een traumatische echo kan daarom niet eenvoudigweg worden verklaard doordat bij de ene wel en bij de andere geen gestold interferentiepatroon aanwezig is. Beide berusten daarop. Het verschil ligt allereerst in de intensiteit waarmee het vroegere interferentiepatroon opnieuw gaat resoneren. Bij een gewone herinnering resoneert dit patroon binnen de dynamische ordening van het actuele NU. Bij een traumatische echo gaat het patroon zo intens resoneren dat het die dynamische ordening tijdelijk overrulet.

 

Dat verklaart waarom iemand rationeel kan weten dat hij veilig is en tegelijkertijd kan ervaren dat hij opnieuw in gevaar verkeert. De dreiging behoort feitelijk tot het verleden, maar wordt binnen de actuele ervaring opnieuw werkelijk. De persoon denkt niet alleen aan angst, maar ervaart deze ook. Hij herinnert zich niet alleen dat hij bedreigd werd, maar ervaart opnieuw bedreiging.

 

Naast de intensiteit speelt ook de mate van detaillering van het gestolde interferentiepatroon een belangrijke rol. Tijdens een ingrijpende gebeurtenis vormen waarnemingen, lichamelijke sensaties, emoties, betekenissen, verwachtingen, aandacht en handelingsmogelijkheden samen één complexe interferentieconfiguratie. Wanneer dit interferentiepatroon als het ware bevroren raakt, blijven veel van deze elementen nauw met elkaar verbonden. Gaat het patroon later opnieuw resoneren, dan kan niet alleen een herinneringsbeeld verschijnen, maar kan een veel gedetailleerder deel van de oorspronkelijke ervaring levensecht worden herbeleefd.

 

Het gestolde traumatische interferentiepatroon heeft bovendien een holografisch karakter. Tijdens de oorspronkelijke ervaring vormden zintuiglijke en transcendente ontvankelijkheid samen het interferentiepatroon. Concrete waarnemingen, lichamelijke sensaties, betekenissen, verwachtingen en handelingsmogelijkheden raakten daarin nauw met elkaar verweven. Binnen mijn theorie vormt dit patroon zich in het neurologische venster dat ik het diafragma noem. Daar komen zintuiglijke en transcendente ontvankelijkheid samen. Wanneer het patroon daar als het ware bevroren raakt, kan één enkele sensatie later voldoende zijn om het bredere patroon opnieuw in resonantie te brengen. Een geur, geluid, aanraking of gezichtsuitdrukking vormt dan niet slechts een associatieve aanleiding tot een herinnering, maar draagt als onderdeel van het oorspronkelijke patroon de verbinding met de veel omvangrijkere configuratie in zich. Naarmate meer van die configuratie gaat resoneren, kan de traumatische echo zowel gedetailleerder als intenser binnen het actuele NU verschijnen. Daardoor kunnen zintuiglijke sensaties, lichamelijke reacties, betekenissen, verwachtingen en handelingsmogelijkheden steeds vollediger in dezelfde samenhang terugkeren.

 

De traumatische echo onderscheidt zich daarmee op twee manieren van een gewone herinnering. Het vroegere interferentiepatroon gaat met veel grotere intensiteit resoneren en tegelijkertijd kan een veel gedetailleerder deel van dat patroon levensecht binnen het actuele NU verschijnen. Juist die combinatie kan ertoe leiden dat de gebeurtenis niet als herinnering verschijnt, maar wordt ervaren alsof zij opnieuw plaatsvindt. Daarmee krijgt ook het woord herbeleving een preciezere betekenis. De oorspronkelijke gebeurtenis keert niet werkelijk terug, omdat zij uitsluitend binnen het actuele NU van toen heeft plaatsgevonden. Wat terugkeert, is het destijds gevormde interferentiepatroon, dat zo intens en gedetailleerd kan resoneren dat het de dynamische ordening van het actuele NU tijdelijk overrulet. Feitelijk blijft de gebeurtenis tot het verleden behoren, maar voor degene die haar herbeleeft wordt zij opnieuw als actuele werkelijkheid ervaren.

 

Pas bij de toe-eigening van de traumatische echo komt het ego in beeld. Het ego veroorzaakt de echo niet en brengt evenmin de lichamelijke reacties en betekenissen voort die daarin verschijnen. Het kan deze opnieuw ervaren werkelijkheid vervolgens wel annexeren en opnemen in een reeds gevormd verhaal over zichzelf. Angst kan dan worden opgevat als bewijs dat iemand zwak is en een terugkerende herbeleving als bewijs dat iemand beschadigd is. Naast de belasting door de traumatische echo ontstaat zo een tweede belasting door de egologische toe-eigening ervan.

 

Herstel vraagt vanuit deze benadering daarom meer dan het rationele besef dat de oorspronkelijke gebeurtenis voorbij is. Iemand kan dat immers allang weten, terwijl het bevroren interferentiepatroon toch telkens opnieuw in resonantie komt. Het patroon moet geleidelijk zijn vermogen verliezen om de dynamische ordening van het actuele NU te overrulen. Nieuwe ervaringen van veiligheid moeten daarom niet alleen rationeel worden begrepen, maar ook daadwerkelijk binnen de ervaring kunnen doorwerken. Wanneer zij voldoende in het bevroren interferentiepatroon kunnen doordringen, kan de rigiditeit ervan afnemen en kan het patroon zijn dwingende karakter verliezen.

 

De traumatische echo hoeft daarmee niet volledig te verdwijnen. De gebeurtenis blijft deel uitmaken van de persoonlijke geschiedenis en kan als heftige herinnering aanwezig blijven. Wat moet veranderen, is de invloed van het bevroren interferentiepatroon op het actuele NU. Herstel ontstaat wanneer het verleden herinnerd kan worden zonder dat dit patroon opnieuw zo intens en gedetailleerd gaat resoneren dat het de dynamische ordening van het actuele NU naar de achtergrond verdringt.



Naschrift naar aanleiding van Gabor Maté

Naar aanleiding van een LinkedInbijdrage van psychiater en familietherapeut Els de Bruijn, waarin zij met verwijzing naar Gabor Maté schrijft over moral injury, dringt zich nog een mogelijke uitbreiding van deze gedachte op. Een traumatisch interferentiepatroon hoeft misschien niet uitsluitend te ontstaan door één overweldigende gebeurtenis die iemand zelf ondergaat. Ook langdurige blootstelling aan indringende beelden en verhalen, gecombineerd met machteloosheid en een voortdurende botsing tussen diep gevoelde waarden en de waargenomen werkelijkheid, kan telkens dezelfde ervaringsconfiguratie opnieuw in resonantie brengen. Wanneer waarnemingen, lichamelijke reacties, emoties, betekenissen, waarden en ontbrekende handelingsmogelijkheden daarbij steeds opnieuw in dezelfde samenhang verschijnen, zou zo'n patroon zich geleidelijk kunnen verdichten en verstarren. De traumatische echo krijgt dan niet noodzakelijk haar oorsprong in één afzonderlijk moment, maar kan ook voortkomen uit een werkelijkheid die zich telkens opnieuw aandient en steeds dieper in de ervaring inslijpt.

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe

Ontvang automatisch mijn blogs

© 2020 by Marc Cornelisse. Proudly created with Wix.com

bottom of page