top of page

Morele masquerades rond de energiecrisis

Er wringt iets fundamenteels in het Nederlandse politieke debat. Terwijl de regering zonder aarzeling miljarden blijft vrijmaken voor Oekraïne, kijkt zij opvallend kalm toe nu Nederlandse burgers en bedrijven rechtstreeks worden geraakt door een nieuwe internationale crisis. Aan de pomp lopen de prijzen op. De energiemarkt raakt verder ontwricht. Vissers blijven aan de wal. Transportbedrijven zien hun marges verdampen. En het kabinet? Dat zegt bezorgd te zijn, maar doet nog niets. Dat is niet alleen bestuurlijk zwak. Dat is politiek onthullend. De Tweede Kamer debatteerde op 25 maart 2026 over de economische gevolgen, maar dat debat leidde vooralsnog niet tot concrete actie.

 

De officiële redenering luidt dat het nog te vroeg is voor ingrijpen. Maar dat klinkt alleen redelijk voor wie nooit een dieselrekening hoeft te betalen, nooit met een schip de Noordzee op moet en nooit een transportbedrijf draaiende hoeft te houden. In de echte economie bestaat geen luxe van afwachten. Daar tikt iedere dag door. Daar verandert een prijsstijging niet in een beleidsnotitie, maar in verlies, stilstand en faillissementsrisico. Wanneer de helft van een vloot besluit niet meer uit te varen omdat de brandstof niet meer op te brengen is, dan is de crisis niet iets dat mogelijk nog komt. Dan is zij al begonnen.

 

Daar komt nog iets bij dat in veel Europese hoofdsteden bijna angstvallig wordt gemeden. De huidige ontregeling is namelijk niet uit de lucht komen vallen. Zij volgt op militaire acties van Israël en de Verenigde Staten tegen Iran, acties die door critici en sommige regeringsleiders expliciet als onrechtmatig of illegaal zijn bestempeld en die volgens gezaghebbende juridische analyses ook in strijd zijn met het internationaal recht. De Spaanse premier Pedro Sánchez zei dat openlijk. Maar in een groot deel van West Europa overheerst niet de juridische of morele analyse, maar de geopolitieke gewenning. Alsof men wel erkent dat de gevolgen desastreus zijn, maar het liever niet meer heeft over de vraag wie deze escalatie heeft ontketend.

 

Die reflex werd deze week nog pijnlijker zichtbaar bij de NAVO. Mark Rutte, inmiddels de Trumpfluisteraar van de NAVO, verklaarde publiekelijk dat Trump de wereld alleen maar veiliger probeert te maken. Dat is een onthutsende formulering. Juist op het moment dat een oorlog de energiemarkten ontregelt, wereldwijde bevoorradingsketens beschadigt en hele economieën kwetsbaarder maakt, kiest de hoogste NAVO functionaris niet voor juridische distantie of morele helderheid, maar voor politieke dekking. Tegelijk verschoof ook in bredere westerse kring de aandacht al snel naar het veiligstellen van de scheepvaart door de Straat van Hormuz en het managen van de gevolgen. Alsof niet meer ter discussie staat wie de lucifer heeft aangestoken, maar alleen nog hoe snel de brandweer moet uitrukken.

 

Wie denkt dat deze crisis vanzelf wegebt zodra de eerste paniek uit de markt loopt, onderschat bovendien de materiële schade. Het probleem zit niet alleen in de spanning rond de Straat van Hormuz, maar ook in de vernietiging en uitval van vitale installaties in het Midden Oosten. Reuters meldde dat in meerdere landen grote olie en gasinstallaties, raffinaderijen en exportfaciliteiten zwaar zijn geraakt. In Qatar vielen twee grote LNG productielijnen uit, goed voor ongeveer 17 procent van de exportcapaciteit, met een verwachte hersteltijd van drie tot vijf jaar. Dat zijn geen kleine verstoringen, maar structurele klappen voor de energievoorziening. Wie zulke infrastructuur verliest, herstelt dat niet in een paar weken. Daarom dreigt dit geen korte prijspiek te worden, maar een langdurige ontregeling met wereldwijde gevolgen voor brandstof, industrie, inflatie en bevoorrading.

 

Voor Nederland pakt dat extra pijnlijk uit, omdat wij onszelf de afgelopen jaren afhankelijker hebben gemaakt terwijl we ons tegelijk moreel superieur waanden. Toen Rusland Oekraïne binnenviel, gold het Kremlin in heel Europa als een abject regime en werd de afhankelijkheid van Russisch gas terecht een strategisch en moreel probleem genoemd. Die afhankelijkheid moest worden afgebouwd, ook als dat economisch pijn deed. Maar de huidige crisis laat zien dat Europa daarmee niet minder afhankelijk is geworden, alleen anders afhankelijk. Na de breuk met Russisch gas is het zwaarder gaan leunen op LNG uit onder meer de Verenigde Staten. Juist daardoor blijkt de morele scherpte tegenover Washington en Trump veel minder groot dan destijds tegenover Moskou en Poetin.

 

Het Groningenveld is gesloten en de permanente afbouw loopt door. Dat valt vanuit veiligheid en rechtvaardigheid in Groningen te begrijpen, maar strategisch bezien heeft Nederland daarmee wel opnieuw een belangrijk instrument uit handen gegeven. Een volwassen land had die spanning onder ogen moeten zien en een serieuze discussie moeten voeren over leveringszekerheid, noodreserves en energieautonomie. In plaats daarvan is te vaak gedaan alsof de energietransitie op zichzelf al een antwoord vormde op geopolitieke afhankelijkheid. De huidige crisis laat zien dat dit een gevaarlijke vereenvoudiging was. Ook het debat over Groningen maakt duidelijk dat de spanning tussen veiligheid, moraal en strategische reserve in Nederland nog altijd niet echt is opgelost.

 

Ook de morele zelfgenoegzaamheid van delen van het klimaatdebat begint hier te wringen. Want er hangt een ongemakkelijke vraag boven de markt. Hoeveel politieke en bestuurlijke spelers zien stijgende fossiele prijzen stiekem als nuttige dwang richting de gewenste transitie? Hoeveel politieke partijen beschouwen deze schok niet primair als een maatschappelijk probleem, maar als een gedragsprikkel? Dat is precies de denkwijze die burgers wantrouwig maakt. Niet omdat verduurzaming onbelangrijk zou zijn, maar omdat een transitie die alleen werkt onder druk van crisis, schaarste en financiële pijn geen gedragen transitie is. Dan wordt duurzaamheid geen gezamenlijke koers, maar een opgelegd offer. Juist dat wantrouwen groeit wanneer politici en opiniemakers de indruk wekken dat deze prijsdruk hun eigenlijk goed uitkomt. In dat licht is het veelzeggend dat figuren als Rob Jetten jarenlang konden worden weggezet als klimaatdrammer, een etiket dat hij later zelfs als geuzennaam omarmde. Voor veel burgers bevestigt dat beeld precies de vrees dat niet hun bestaanszekerheid, maar hun gedragsverandering vooropstaat. Die politieke logica sloopt het draagvlak dat zij zegt te willen opbouwen.

 

Intussen is dit geen louter Nederlandse kwestie. De ontregeling op de energiemarkt raakt landen als India nog veel harder. Reuters en andere berichtgeving laten zien dat vooral importafhankelijke economieën in Azië bijzonder kwetsbaar zijn voor langdurige verstoringen van olie, LNG en petrochemische stromen uit het Midden Oosten. Wie dus denkt dat deze oorlog slechts leidt tot wat ongemak aan de Europese pomp, begrijpt de schaal van het probleem nog niet. Dit is een mondiale kettingreactie die juist de meest afhankelijke economieën het hardst zal treffen.

 

De conclusie is daarom ongemakkelijk, maar helder. Nederland wordt op dit moment bestuurd door een politieke klasse die grote woorden paraat heeft voor internationale moraal, maar opvallend weinig urgentie toont wanneer de eigen samenleving de prijs betaalt. Er is geld voor geopolitieke positie. Er is taal voor buitenlandse strijd. Er is discipline wanneer sancties politieke offers vragen, maar terughoudendheid zodra bondgenoten zelf onderwerp van moreel oordeel zouden moeten zijn. Zodra de rekening vervolgens bij de Nederlandse burger, visser of ondernemer belandt, klinkt ineens het technocratische refrein van monitoring, voorzichtigheid en afwachten. Daarachter schuilt niet alleen een prioriteitenprobleem, maar ook een dubbele moraal. Wie de agressie van de ene staat luid veroordeelt, maar de ontwrichtende daden van een bondgenoot om diplomatieke en economische redenen omfloerst of vergoelijkt, verdedigt geen rechtsorde, maar past normen selectief toe. Dat is geen visie. Dat is politieke berekening.

 

Een land dat miljarden weet vrij te maken voor oorlog elders, maar aarzelt zodra de eigen samenleving bescherming nodig heeft, verliest niet alleen economische weerbaarheid. Het verliest ook politieke geloofwaardigheid.

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe

Ontvang automatisch mijn blogs

© 2020 by Marc Cornelisse. Proudly created with Wix.com

bottom of page