The war on nature

Bijgewerkt op: 28 jun.

We're at war with nature. If we win, we're lost.

Hubert Reeves


De grootste oorlog die momenteel gaande is, is niet de oorlog in Oekraïne (hoe vreselijk ook), maar die van de mens tegen de natuur. Gedreven door megalomanie hebben we de impliciete overtuiging dat de natuur ons toebehoort. Vooral de Westerse mens is hierin doorgeslagen. Na de schandalige periode van kolonialisme, die gepaard ging met de onderwerping van andere rassen, hebben we nu onze pijlen op de natuur gericht. Friedrich Nietzsche zou zeggen dat onze ‘wil tot macht’ is getransformeerd naar de schepping zelf. Vanuit deze vermeende hegemonie tracht de mens de natuur nu haar idealen op te dringen. Maar hoogstwaarschijnlijk zal de natuur zich niet heel gewillig laten tiranniseren. De verschillende natuurcrises buitelen momenteel over elkaar heen, want de natuur laat niet met zich sollen. De natuur vecht terug en doet dat niet onverdienstelijk.


Zo onderscheiden we in ieder geval drie dominante crises, namelijk de klimaat-, de stikstof- en de coronacrisis. In feite vertelt de natuur ons hier, dat we niet goed bezig zijn. Naast deze primaire reacties van de natuur, is er ook een groot aantal afgeleide crises. Zo leidt de klimaatcrisis tot een migratie-, voedsel-, energie- en drinkwatercrisis; de stikstofcrisis tot een woning-, voedsel- en biodiversiteitscrisis; en de coronacrisis tot een landbouw- en voedselcrisis. Wij mensen zien deze problemen louter vanuit ons eigen perspectief en komen daarbij tot de conclusie dat ons natuurbeheer (met de nadruk op beheer) beter moet.


In ’Voorbij Goed en Kwaad’ schrijft Nietzsche ‘[Stel je de natuur eens voor als een wezen], mateloos verkwistend, mateloos onverschillig, doelloos en onverbiddelijk, zonder erbarmen of rechtvaardigheid, vruchtbaar en woest en ongewis tegelijk, denk je het indifferente zelfs eens in als macht. Hoe zouden jullie in overeenstemming met dit indifferente kunnen leven?’ Die onverschilligheid van de natuur heeft ons ertoe genoodzaakt om haar te mennen. Als mens zijn we voor al onze levensbehoeften aangewezen op die natuur. En doordat we inmiddels met zovelen zijn, reikt de natuur ons niet meer vanuit zichzelf aan wat nodig is om te overleven. De technieken die hiervoor nodig zijn, maken onderdeel uit van onze cultuur. Zeg maar alle middelen en manieren om in die natuur een leefwereld voor de mens mogelijk te maken. Het onbetwiste uitgangspunt hierbij is echter dat de mens heerser is over de natuur.


Is er dan helemaal geen zelfkritiek? Zeker wel. De ene na de andere interventie worden door overheden kenbaar gemaakt: sluiten van kolencentrales, versnellen van de energietransitie, stoppen met de intensieve veeteelt, inenten van de wereldbevolking, uitkopen van boeren en ga zo maar door. Maar het uitgangspunt van natuurbeheer, is ‘nicht im Frage’. Francis Bacon (1561- 1626) formuleerde een wezenlijk andere benadering van de natuur, namelijk ‘De natuur kun je alleen overwinnen door haar te gehoorzamen’. Het woord ‘overwinnen’ doet helaas nog iets te veel denken aan oorlogsretoriek, maar ‘gehoorzamen’ daarentegen, uit in ieder geval meer respect voor de natuur dan nu het geval is. Misschien zouden we dat vaker als uitgangspunt moeten nemen. Ingrijpen door niet in te grijpen (wu wei), is een kunst op zich. We zouden het welbevinden van de natuur vaker als uitgangspunt moeten nemen.

Handelen vanuit de overtuiging dat men een situatie verbetert, heeft niet zelden een averechts effect. In de medische wereld bestaat daar zelfs een woord voor: iatrogenese. Huisartsen hebben niet voor niets recentelijk een lijst samengesteld met 30 beter-niet-doen aanbevelingen. Sommige medische interventies schaden de gezondheid van mensen meer, dan dat ze die bevorderen. Bovendien ondermijnen sommige ingrepen ook het menselijk vermogen om zichzelf te genezen. Dan heeft ons immuunsysteem er onder te lijden. Daarnaast zijn er ook sociale systemen die iatrogenese veroorzaken. Denk bijvoorbeeld aan het toeslagenfiasco en aan de schuldenlast van studenten die met het leenstelsel te maken hadden. Ivan Illich (1926-2002) heeft het fenomeen van iatrogenese systematisch onderzocht. Wat hier voor het menselijk lichaam en sociale systemen geldt, geldt in zijn algemeenheid ook voor de natuur waarmee (of waarin) wij leven.


In veel gevallen gaat de discussie erover of de mens al dan niet moet ingrijpen in een biologisch systeem. Moet het kadaver van een aangespoelde walvis (op de Rottumerplaat) worden geruimd of laten we dat liggen? Moet de dierenbalans in de Oostvaardersplassen kunstmatig in stand worden gehouden of laten we die op haar beloop? Mag de wolf zijn herintrede doen in het Nederlandse landschap of richt hij te veel schade aan? Natuurbeheer doet mij persoonlijk te veel denken aan het adagium ‘Wie orde zaait, zal chaos oogsten’. De arrogantie van de mens heeft tot nu toe meer kapot gemaakt, dan ons lief is. De consequenties van ons handelen (op de natuur), worden vaak pas na decennia merkbaar. Het na-ijleffect is namelijk erg lang. Dat geldt helaas ook voor het correctief handelen om bij negatieve ontwikkelingen het tij in de natuur te keren. De terugkoppelingsmechanismen bij natuurlijke regelsystemen zijn zeer complex, misschien wel één grote black box. Soms komt een verandering alleen tot stand, nadat er zich een ramp voltrekt. De vraag is dus: keren we de voor de mens bedreigende ontwikkelingen in de natuur ‘by design or by disaster’? Zolang wij nog veronderstellen dat alle parameters die het verloop van de natuur bepalen, te overzien zijn, verwacht ik dat uiteindelijk alleen een ‘disaster’ tot een aanpassing van het handelen van de mens zal leiden. Dat zou een harde les voor ons zijn, maar de natuur zal ons vandaag of morgen hoe dan ook van ons voetstuk stoten. De grootste vijand van de mens is namelijk zijn eigen arrogantie en niet de natuur.


29 weergaven1 opmerking

Recente blogposts

Alles weergeven

Armoedeval