Vervreemding & angst

Bijgewerkt: jun 29

Wat is angst? Waar komt het uit voort? Stel dat we de oorzaak ervan kunnen doorgronden? En stel dat we er een adequate therapie voor vinden? Zou dat niet een enorme verlichting brengen in het leven van velen? Ik kies ervoor om vanuit mijn persoonlijke zienswijze deze vragen te beantwoorden, ook al hebben tal van filosofen, psychologen en andere wetenschappers zich hier al eens over gebogen. Ik laat me dus niet hinderen door reeds opgedane inzichten ten aanzien van het fenomeen angst.


Angsten openbaren zich in zeer veel verschillende gedaantes. Louter op basis van deze constatering is een heuse classificatie van angsten ontstaan. Op de website http://www.angstlijst.nl/angsten worden maar liefst 418 angsten onderscheiden. Tevens wordt daar het verschil tussen angst en fobie gedefinieerd: Als u zich dagelijks meer dan twee uur druk maakt over dergelijke panieksituaties (/ angsten), dan wordt het een fobie genoemd. Wij mensen hebben het gevoel dat angst en paniek ons overkomen en dat we er met ons bewustzijn geen sturing aan kunnen geven. In feite is dat ook zo, omdat ons autonome zenuwstelsel buiten onze wil om de touwtjes in handen neemt. De meesten zijn wel bekend met de drieslag ‘freeze, fight or flight’: bevriezen, vechten of vluchten. Dat zijn de primaire reacties van ons fysieke systeem, ons lichaam. Hierbij lijkt ‘freeze’ de minst effectieve reactie. Deze reactie wordt echter altijd opgevolgd door ‘fight or flight’. ‘Freeze’ is de toestand waarin we in korte tijd een inschatting maken van de situatie: ga ik vechten of zet ik het op een rennen?


Deze primaire reacties vanuit ons autonome zenuwstelsel zijn in feite de restanten van ons oerinstinct uit vervlogen tijden, de tijden waarin we nog jagers en verzamelaars waren. Het belang ervan wordt steeds minder, omdat we in een samenleving leven waarin we ons het grootste deel van de tijd veilig kunnen voelen.


In mijn analyse wil ik beginnen met het verschil tussen angsten met een interne of met een externe oorzaak. Te denken valt aan respectievelijk angst voor je innerlijke stem en angst voor kleine ruimtes. Bij beide vormen van angst gaat het om de verhouding tussen het object van angst en jou als zijnde het subject. Bij die interactie is angst het emergente (spontaan optredende) nevenverschijnsel, waar we met onze vrije wil maar geen invloed op hebben. Om die reden ervaren we angst als een causale illusie, die we maar niet verstandelijk kunnen doorgronden. En juist dat kenmerk van een angst, maakt het zo lastig om angst te relativeren. Ons autonome zenuwstelsel wordt getriggerd, maar de vraag is waarom? Die triggering is een paardenmiddel voor de vaak triviale angsten die mensen ervaren. Er wordt een kanon in stelling gebracht, voor een gesignaleerde vlieg. Angst en/of paniek zijn het gevolg, omdat de energie wel vrijkomt, maar niet wordt gebruikt om te vluchten of te vechten.


Niet zelden betreft het irreële angsten die we - buiten onze wil om - op Pavlov-achtige wijze geconditioneerd hebben. Niet voor niets wordt er dan ook bij GGZ gewerkt met cognitieve gedragstherapie (hierbij wordt de relatie tussen gedragingen, gedachten en gevoelens onderzocht) en/of exposuretherapie (hierbij stel je je letterlijk bloot aan de angstaanjagende omstandigheden). En voor posttraumatische ervaringen is de EMDR-therapie tegenwoordig de geijkte behandelmethode. Hierbij worden nare herinneringen langzamerhand aan een mildere emotionele lading gekoppeld.


Mijns inziens veroorzaken de ongewenste conditionering en de boost aan energie die vrijkomt, veel onrust in het lijf en een sterk gevoel van vervreemding. De vervreemding ontstaat met name doordat de gevoelens van angst niet stroken met onze illusie van maakbaarheid. De angst overkomt ons en kunnen we niet met ons verstand pareren. We denken dat we alles kunnen controleren om zo ons eigen geluk en succes af te dwingen. Vanuit die optiek zijn angsten en paniekaanvallen dissonanten in ons bestaan, die niet passen bij in de vigerende levensopvatting van maakbaarheid. Tevens wordt de eenheidservaring van lichaam & geest geweld aangedaan. Ons lichaam reageert op een manier die we met ons bewustzijn niet kunnen vatten en waar we met onze vrije wil geen invloed op hebben. Deze toestand kan een dissociatief gevoel veroorzaken: een gevoel waarbij iemand zichzelf niet meer als eenheid ervaart. Overigens is dit schisma jarenlang in onze christelijke cultuur dominant geweest: je bestaat uit een lichaam & een ziel en na de dood worden lichaam en ziel van elkaar gescheiden. De vervreemding die men tijdens een angstperiode ervaart, confronteert ons dus indirect ook met een angst voor de dood.


Een andere vorm van vervreemding, is die met je omgeving. In mijn vorige blog ‘Samenleving’ in therapie, schreef ik daar het volgende over.


De mens heeft eigenschappen die niet verklaard kunnen worden aan de hand van de organen waaruit hij is opgebouwd. Het geheel is absoluut meer dan de som der delen. Die meerwaarden worden ook wel emergente eigenschappen genoemd. Eigenschappen die voortkomen uit de hoge mate van complexiteit van ons lichaam en niet door middel van reductie te herleiden zijn.


Deze eigenschappen krijgen echter pas betekenis in de context van een omgeving. De wisselwerkingen tussen alle objecten (dat betreft ook andere mensen) binnen het zijnsveld en de manifestatie van een individu bevestigen zijn bestaan, waardoor de emergente eigenschappen expliciet kunnen worden. Bij de meeste mensen is dit een harmonisch ontologisch geheel. Let wel: een individu kan nooit volledig samenvallen met zijn zijnsveld, omdat hij zelf de waarnemer is. Dat betekent dat ieder mens onvermijdelijk een latente vorm van eenzaamheid met zich meedraagt.


Discontinuïteit in de wisselwerking met je omgeving, kan leiden tot een gevoel van vervreemding, die angst op roept. Op die momenten mis je de harmonische aansluiting met al het andere in je zijnsveld. Je voelt je een geïsoleerd object. Dat kan veroorzaakt worden door je eigen veranderde per- of neuroceptie (zie ook mijn blog Perceptie versus Neuroceptie). Of doordat de ‘vibes’ van de verschillende zijnsvelden niet met elkaar interfereren, doordat de contexten van de verschillende zijnsvelden te verschillend zijn of doordat de subjecten binnen jouw zijnsveld jou bewust objectiveren. Hierdoor komen jouw emergente menselijke eigenschappen niet tot hun recht. Je ervaart de vervreemding als een staat van geïsoleerd zijn. Je mist de aansluiting, terwijl je niets liever wilt, dan erbij horen.


Vervreemding kan ook optreden ten opzichte van ‘de zin van je bestaan’ of ‘het functioneren van je lichaam’. Beide vormen van vervreemding kunnen existentiële angsten oproepen.


Ik denk dat de belangrijkste remedie tegen angsten en paniekaanvallen, het loslaten van de illusie van maakbaarheid is. Een dergelijke houding druist echter faliekant in tegen hetgeen we van jongs af aan geleerd hebben. De culturele bagage die we kinderen meegeven, werkt mijns inziens de wachtlijsten bij de GGZ in de hand. Het kan ook anders.

75 keer bekeken1 reactie

Recente blogposts

Alles weergeven

Big Data